Tony Martin van Team Columbia zette een bijzonder scherpe richttijd neer over 8,9 kilometer. De Duitse tijdritkampioen reed op een moment dat de wegen er half droog/half nat bij lagen. Met een tijd van 10'10" gooide Martin een eerste bommetje.
De mindere goden konden niet tippen aan de prestatie van Martin. Het was wachten op de grote namen en favorieten om in de buurt te komen van de toptijd.
Andy Schleck gaf alvast niet thuis. De nummer 2 van vorig jaar bleef met 11'09" een flink stuk onder de hooggespannen verwachtingen. Ook Bradley Wiggins, vorig jaar vierde in Parijs, kwam met zijn 10'56" niet in de buurt van Martin.
Cadel Evans misschien dan? Neen, ook niet echt. De Australiër liet 4'50" optekenen bij het tussenpunt na 4,2 kilometer, precies dezelfde tijd als Maxime Monfort, de beste Belg in deze proloog. Uiteindelijk zou de wereldkampioen 39 seconden toegeven op de winnaar, twee minder dan Monfort.
Dus werd het uitkijken naar Lance Armstrong (nummer 3 van 2009), Fabian Cancellara (de grote specialist) en Alberto Contador (de titelverdediger). Die drie tenoren waren wél op de afspraak.
Contador trapte groter dan we van hem gewend zijn en gooide zijn fiets na 10'27" over de streep. Daarmee had hij vijf seconden achterstand op Armstrong, die iets meer venijn tentoonspreidde.
Maar tegen Cancellara bleek niemand opgewassen. De hardrijder finishte in 10 minuten rond en dook 10 seconden onder de tijd van Martin, goed voor een gemiddelde van 53,41 km/u. "Een wereldwonder", zei VRT-commentator Michel Wuyts. "Ongelofelijk dat je zo snel met een fiets kunt rijden", reageerde cocommentator Tom Steels.
